Staartmees
Staartmees (Aegithalos caudatus)


Uiterlijk
De staartmees wordt ongeveer 13 tot 16 cm lang, waarvan een groot deel uit de staart bestaat. Het verenkleed is zwart, wit en lichtroze. De vogel heeft een rond lichaam, een kleine snavel en lange smalle poten. Sommige ondersoorten hebben een volledig witte kop.
Voedsel
Het voedsel bestaat vooral uit insecten, rupsen en andere kleine ongewervelden. In de winter worden ook zaden gegeten en bezoeken staartmezen geregeld voedertafels en vetbollen in tuinen.
Leefgebied
De soort leeft in bosrijke gebieden, struikgewas, parken, tuinen en heggenlandschappen. Staartmezen houden van structuurrijke omgevingen met veel struiken en afwisseling tussen open plekken en begroeiing.
Nestbouw
Het nest is een ingewikkeld, bolvormig bouwwerk van mos, spinrag, korstmos en veren. Het heeft een kleine zij-ingang en wordt meestal diep in struiken gebouwd. Beide ouders helpen mee met de bouw en verzorging van de jongen.


Verspreiding
De staartmees komt voor in grote delen van Europa en Azië. In Nederland en België is het een vrij algemene broedvogel die het hele jaar aanwezig blijft.
Populatie
De soort geldt wereldwijd als niet bedreigd. In sommige regio’s nemen de aantallen echter af door verlies van geschikt leefgebied en strenge winters.
Vijanden
Roofvogels, katten en marterachtigen vormen natuurlijke vijanden van de staartmees. Vooral koude winters kunnen grote sterfte veroorzaken doordat voedsel schaars wordt.
Bijzonderheden
Staartmezen slapen in koude nachten dicht tegen elkaar aan om warmte vast te houden. Hun nest behoort tot de meest complexe nesten van Europese zangvogels en kan duizenden veertjes bevatten.
