Kuifmees
Kuifmees (Lophophanes cristatus)


Uiterlijk
De vogel wordt ongeveer 10,5 tot 12 cm groot. Opvallend zijn de spitse zwart-witte kuif, zwarte keelvlek en donkere oogstreep. De rug is grijsbruin en de buik licht van kleur. Mannetjes en vrouwtjes zien er vrijwel hetzelfde uit.
Voedsel
In de zomer eet de kuifmees vooral insecten, spinnen en larven. Tijdens herfst en winter schakelt hij over op zaden van naaldbomen en soms bessen. De soort legt regelmatig voedselvoorraden aan voor koude perioden.
Leefgebied
De kuifmees leeft voornamelijk in naaldbossen met dennen en sparren. Daarnaast komt hij voor in gemengde bossen, parken en tuinen met veel naaldbomen. In Nederland leeft de soort vooral op zandgronden en in duingebieden.
Nestbouw
Het nest wordt meestal gebouwd in zelf uitgehakte holen in vermolmd of zacht hout, vaak in dode berken. Het nest bestaat uit mos, korstmos, haren en veren. Een legsel bevat meestal vier tot acht eieren.


Verspreiding
De kuifmees komt vrijwel uitsluitend in Europa voor. Het verspreidingsgebied loopt van Spanje en Frankrijk tot Scandinavië en Oost-Europa. In Nederland is het een standvogel die vooral voorkomt in gebieden met veel naaldbos.
Populatie
De soort staat wereldwijd als niet bedreigd op de Rode Lijst van de IUCN. In Nederland en Vlaanderen nemen de aantallen echter af door het verdwijnen van naaldbossen en veranderingen in bosbeheer.
Vijanden
Roofvogels, katten, marters en spechten vormen natuurlijke vijanden van de kuifmees. Vooral eieren en jonge vogels zijn kwetsbaar tijdens de broedtijd.
Bijzonderheden
De kuifmees is de enige mees in Nederland met een duidelijke kuif. Buiten de broedtijd sluit hij zich vaak aan bij groepjes andere mezen. De soort staat bekend als zeer honkvast en verplaatst zich meestal maar weinig.
