Appelvink

Appelvink (Coccothraustes coccothraustes)

Blauwborst (Luscinia svecica) - Foto: © www.birdphoto.nlBlauwborst (Luscinia svecica) - Foto: © www.birdphoto.nl

De appelvink (Coccothraustes coccothraustes)

Appelvink (Coccothraustes coccothraustes) - Foto: © www.birdphoto.nlAppelvink (Coccothraustes coccothraustes) - Foto: © www.birdphoto.nl

De appelvink (Coccothraustes coccothraustes) is een krachtige zangvogel uit de familie van de vinkachtigen (Fringillidae). De soort staat bekend om zijn enorme snavel, waarmee hij harde pitten en zaden kan kraken. Ondanks zijn forse bouw leeft de appelvink vaak verborgen hoog in bomen.

De appelvink laat harde, scherpe roepen horen zoals “tsik” of “zik”. De zang is vrij zacht en bestaat uit korte fluittonen en krassende geluiden. Buiten de broedtijd blijven appelvinken meestal stil.

Uiterlijk

De vogel wordt ongeveer 16 tot 18 cm groot en heeft een opvallend dikke, kegelvormige snavel. Het verenkleed bestaat uit warme bruintinten met een zwarte keelvlek, grijze nek en opvallende witte vleugelstrepen. Mannetjes en vrouwtjes lijken sterk op elkaar.

Voedsel

Appelvinken eten vooral harde zaden en pitten van kersen, beuken, haagbeuken en pruimen. Daarnaast worden knoppen, insecten en rupsen gegeten, vooral tijdens de broedtijd. Dankzij hun sterke snavel kunnen ze pitten openbreken waar andere vogels niet bij kunnen.

Leefgebied

De soort leeft in loof- en gemengde bossen, oude parken, boomrijke tuinen en lanen. Vooral gebieden met veel zaaddragende bomen zijn geschikt als leefgebied.

Nestbouw

Het nest wordt meestal hoog in bomen gebouwd en bestaat uit takjes, wortels en gras. Het vrouwtje legt doorgaans vier tot zes eieren. Beide ouders verzorgen de jongen na het uitkomen.
Blauwborst (Luscinia svecica) - Foto: © www.birdphoto.nlBlauwborst (Luscinia svecica) - Foto: © www.birdphoto.nl

Verspreiding

De appelvink komt voor in grote delen van Europa, Noord-Afrika en Azië. In Nederland en België is het een vrij schaarse maar regelmatige broedvogel. Sommige noordelijke populaties trekken in de winter zuidwaarts.

Populatie

De wereldpopulatie geldt als stabiel en de soort staat op de Rode Lijst van de IUCN als niet bedreigd. Lokale aantallen kunnen echter sterk schommelen afhankelijk van voedselbeschikbaarheid.

Vijanden

Roofvogels, marters en katten vormen natuurlijke vijanden van de appelvink. Eieren en jonge vogels zijn vooral kwetsbaar tijdens de broedtijd.

Bijzonderheden

De appelvink heeft een van de krachtigste snavels van alle Europese zangvogels. Hiermee kan hij pitten kraken met een enorme bijtkracht. Ondanks zijn forse uiterlijk is het een schuwe vogel die vaak moeilijk te observeren is.
Wat is dit? Vink "Onthoud mij" om uw winkelwagen op deze computer te raadplegen, ook als u niet ingelogd bent.